De IJslandse bevolking heeft zich in een referendum uitgesproken tegen toetreding tot de Europese Unie. De uitslag is een tegenvaller voor Brussel, dat juist hoopte op een positief signaal van een welvarend en stabiel land. Een toetreding van IJsland had het beeld kunnen bevestigen dat de EU graag van zichzelf neerzet: een belangrijke speler op het wereldtoneel.
De interesse vanuit IJsland, dat relatief gemakkelijk zou kunnen toetreden, was voor kritische regeringen in Europa juist welkom. Het land voldoet aan veel eisen en heeft een sterke economie, onder meer dankzij visserij en duurzame energie. Een lidmaatschap zou een bewijs zijn geweest dat de EU ook voor welvarende landen aantrekkelijk blijft, niet alleen voor landen die economische steun nodig hebben.
De afwijzing komt op een moment dat de EU zich wil profileren als een sterke internationale speler. Brussel ziet uitbreiding als een manier om invloed te vergroten, maar stuit nu op weerstand bij een land dat al nauw samenwerkt met de Unie via de Europese Economische Ruimte. IJsland heeft daardoor toegang tot de interne markt zonder lid te zijn.
Het referendum is niet bindend, maar de uitslag is duidelijk. De IJslandse regering heeft aangegeven de uitslag te respecteren. Daarmee lijkt een eventueel toetredingsproces voorlopig van de baan. Voor de EU betekent dit dat een van de meest voor de hand liggende kandidaat-lidstaten afhaakt, wat vragen oproept over het uitbreidingsbeleid.
De uitslag past in een bredere trend van scepsis over de EU in sommige landen, maar IJsland is geen lid en heeft ook geen formele aanvraag ingediend. Het land heeft eerder wel overwogen om toe te treden, maar trok die overweging in. De huidige afwijzing versterkt die positie.
Voor Brussel is de uitkomst pijnlijk, omdat het juist inzet op uitbreiding als strategisch doel. De EU heeft de afgelopen jaren meerdere landen op de Balkan en in Oost-Europa vooruitzicht op lidmaatschap gegeven. Een afwijzing door IJsland kan die plannen niet direct doorkruisen, maar ondermijnt wel het beeld dat de Unie een aantrekkelijke partner is voor rijke democratieën.
De komende tijd zal Brussel moeten bezien hoe het verder wil met de relatie met IJsland. De samenwerking binnen de Europese Economische Ruimte blijft bestaan, maar een verdere verdieping ligt nu niet voor de hand. Voor IJsland blijft de visserij een belangrijk obstakel: het land wil zelf kunnen blijven beslissen over de visquota, iets dat binnen de EU niet vanzelfsprekend is.