De botresten van een man die eerder deze maand zijn gevonden in het Roggebotsebos tussen Dronten en Kampen, lagen daar mogelijk al tussen de anderhalf en zes jaar in de grond. Dat vermoedt het Nederlands Forensisch Instituut, zo heeft de politie gemeld in het opsporingsprogramma Opsporing Verzocht.
De vondst werd gedaan in het bosgebied dat ligt tussen de Flevolandse plaats Dronten en de Overijsselse stad Kampen. De politie heeft nog geen duidelijkheid over de identiteit van de man. Ook over de toedracht van zijn dood tast de recherche in het duister. De zaak is in onderzoek.
Het Nederlands Forensisch Instituut heeft op basis van onderzoek vastgesteld dat de botresten vermoedelijk al geruime tijd in de grond lagen. De bandbreedte van anderhalf tot zes jaar betekent dat de man mogelijk al sinds 2019 of 2020 in het bos heeft gelegen. De politie hoopt dat het tijdsbestek helpt bij het vaststellen van de identiteit van de man.
De zaak is onder de aandacht gebracht via Opsporing Verzocht, het televisieprogramma waarin de politie burgers oproept om mee te denken over onopgeloste zaken. De politie roept getuigen op die rond het mogelijke tijdsbestek iets verdachts hebben gezien in of rond het Roggebotsebos, of die informatie hebben over een vermiste man die in de regio verbleef, zich te melden.
Het Roggebotsebos is een relatief klein bosgebied langs de Roggebotsluis, waar de rivier het Zwarte Water overgaat in het Drontermeer. Het gebied ligt op de grens van Flevoland en Overijssel en wordt gebruikt voor recreatie. De vondst van de botresten eerder deze maand leidde tot een uitgebreid onderzoek ter plaatse.
De politie heeft nog geen aanwijzingen dat er sprake is van een misdrijf, maar sluit dat ook niet uit. Zolang de identiteit van de man niet is vastgesteld en de doodsoorzaak niet bekend is, blijft de zaak in onderzoek. De recherche verzoekt mensen die iemand in hun omgeving missen en die mogelijk in de omgeving van Dronten of Kampen verbleef, dit te melden.