De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) treedt op tegen de import van piepjonge kalfjes uit Ierland. De dieren krijgen tijdens een dagenlange reis nauwelijks te drinken en dat is in strijd met de regels. Als de omstandigheden niet fors verbeteren, moeten de transporten op termijn stoppen. De NVWA legt een last onder dwangsom op aan vier Ierse vervoerders. Zij hebben een jaar de tijd om hun werkwijze aan te passen. Lukt dat niet, dan moeten ze dwangsommen betalen. Die verplichting geldt voor alle vervoerders, waarschuwt de autoriteit.
Het gaat om de import van kalveren tot twee maanden oud. Uit onderzoek van de NOS blijkt dat het overgrote deel van de ingevoerde dieren jonger is dan dat. In Nederlandse en Ierse overheidsdatabases wist de NOS 330.000 kalveren te traceren; 98,9 procent was bij aankomst in Nederland jonger dan twee maanden. De Ierse toezichthouders treden niet op tegen het transport. De Ierse overheid vindt de export niet in strijd met de Europese regels. Daarin staat dat dieren moeten worden gevoed als het «noodzakelijk» is tijdens het transport. De Europese Commissie en de NVWA interpreteren een wetenschappelijk onderbouwde termijn van 12 uur als «noodzakelijk».
Binnen de Europese Commissie wordt positief gereageerd op de Nederlandse handhaving. «Eindelijk gaat de NVWA handhaven», zegt een betrokkene tegen de NOS. De Commissie stuurt al langer aan op strengere handhaving van de dierenwelzijnsregels en is niet te spreken over de manier waarop Ierse bedrijven kalfjes onderweg verzorgen.
Ierland heeft een grote melkveesector. Om koeien melk te laten geven, moeten ze elk jaar een kalf krijgen. Vrouwtjes kunnen zelf weer melkkoe worden, stiertjes blijven over. Ze zijn een restproduct en worden tegen lage prijzen doorverkocht aan kalvermesterijen, bijvoorbeeld in Nederland. Op dit moment worden de dieren in Ierland in een vrachtwagen gezet, die op de veerboot naar Frankrijk gaat. Na een vaartocht van 19 uur worden ze weer van de boot geladen, waar ze rust en drinken moeten krijgen. Daarna gaan ze verder op transport naar Nederland. Volgens de NVWA krijgen de dieren tijdens die reis van in totaal zeker 50 uur dus maar één keer te drinken, terwijl dat minimaal elke 12 uur zou moeten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de reis zelfs 80 uur kan duren.
Niet alleen zijn er op de vrachtwagens geen drinksystemen die geschikt zijn voor melk, ook moeten de jonge kalveren worden geholpen bij het drinken. Op de veerboot is dat «praktisch onuitvoerbaar», bevestigde de Ierse overheid eerder. De kans is daarom groot dat het transport op deze manier moet stoppen. «Dat betekent dat de dieren niet meer in één keer van Ierland via Frankrijk naar Nederland kunnen, maar het transport anders georganiseerd zou moeten worden», zegt NVWA-dierenarts Annebeth van Aartsen. «Dat heeft grote impact, ook op Ierse bedrijven.» De dieren zouden bijvoorbeeld pas op latere leeftijd kunnen worden vervoerd. Vanaf een leeftijd van acht weken kunnen de dieren ook voedingsstoffen halen uit ruwvoer en krachtvoer. «Maar ook dan is er nog aandacht nodig voor de wijze waarop je de dieren voert», zegt Van Aartsen.
De Nederlandse brancheorganisatie voor de kalfsvleessector zegt «niet precies te weten waar de handhaving over gaat», maar vindt «ten algemene dat iedereen zich aan de wet dient te houden». Vragen ter verduidelijking werden woensdagmiddag niet beantwoord.
Aanleiding voor het ingrijpen is een handhavingsverzoek van Eyes on Animals en Dier&Recht. Na jaren van veldonderzoek en procederen zijn de dierenwelzijnsorganisaties opgelucht dat de toezichthouder gaat handhaven. Eerder zag de NVWA daar geen mogelijkheden voor. Dat had te maken met dat de overtredingen grotendeels niet op Nederlands grondgebied plaatsvinden, zegt Van Aartsen. Vooral op zee, op de ferry tussen Ierland en Frankrijk, gaat het mis. «Dat is een deel van het transport waar Nederland niet direct het toezicht op heeft.» Toch heeft de NVWA naar eigen zeggen nu wel genoeg in handen om de praktijk te stoppen. «We hebben goed moeten kijken waar op welke onderdelen van het transport we in beeld moeten krijgen om deze overtreding vast te kunnen stellen», legt Van Aartsen uit. De vier vervoerders waar de NVWA tegen optreedt, hadden geen geschikte voersystemen en waren ook niet van plan om de kalveren melk te laten drinken. Daardoor kon een overtreding worden vastgesteld, stelt de NVWA.