Wireva

Trumps ICC-aanval past in lange Amerikaanse scepsis

De Amerikaanse kritiek op het Internationaal Strafhof is niet nieuw: al sinds de oprichting in de jaren 90 zijn Washington en het hof verdeeld over soevereiniteit en vervolgingen. Nu dreigen nieuwe sancties het ICC lam te leggen, terwijl Europa juist steun betuigt.

Dit bericht is met AI-ondersteuning gemaakt onder redactionele verantwoordelijkheid van Haydamax OÜ.

De Amerikaanse president Trump noemde het Internationaal Strafhof (ICC) vorige week een instelling van «kwaadaardige mensen» die «schijnprocessen» voert. Zijn buitenlandminister Rubio stelde eerder dat het hof desnoods «steen voor steen» moet worden afgebroken. De Verenigde Staten legden vorig jaar al sancties op aan het ICC en dreigen die nu uit te breiden. Experts waarschuwen dat het hof daardoor zo goed als lamgelegd kan worden.

De directe aanleiding voor de Amerikaanse woede is het arrestatiebevel tegen de Israëlische premier Netanyahu en een onderzoek naar Amerikaanse militairen in Afghanistan. Toch is de Amerikaanse scepsis over het Strafhof bepaald niet nieuw. Die bestaat al sinds het hof in de jaren 90 werd opgezet. Vanaf het begin was Washington terughoudend over het afstaan van soevereiniteit en over bemoeienis van buitenlandse rechtbanken met Amerikaanse zaken. Niet alleen Republikeinen, ook Democraten dachten daar zo over.

Oud-president Clinton wilde dat alleen de VN-Veiligheidsraad, waar de VS permanent lid van is, opdracht zou kunnen geven tot processen. Het werd echter een relatief autonome aanklager. Clinton vreesde dat die vroeg of laat het Amerikaanse leger zou aanpakken en weigerde daarom het Statuut van Rome te ratificeren, het verdrag dat leidde tot de oprichting van het ICC. Landen als Rusland, China, India en Israël deden dat evenmin.

Onder president Bush verslechterde de verhouding verder. Hij tekende een wet die het mogelijk moest maken Amerikaanse militairen uit handen van het ICC te bevrijden, desnoods met militair ingrijpen in Den Haag. John Bellinger, destijds topadviseur van de Bush-regering, noemt sommige zorgen van toen achteraf «overdreven». Volgens hem zou het hof zich nooit op de VS richten tenzij sprake was van genocide of massaslachting. In Bush' tweede termijn en onder Obama verbeterden de verhoudingen. De VS werkte mee aan ICC-onderzoeken, maar alleen wanneer dat de Amerikaanse belangen diende of in ieder geval niet schaadde, zoals bij het genocideonderzoek in Sudan.

Het jaar 2017 werd een kantelpunt. Na beschuldigingen van mishandeling en verkrachting door Amerikaanse militairen in Afghanistan richtte de aanklager voor het eerst de pijlen op de VS, precies waar Clinton in de jaren 90 al bang voor was. De beslissing van toenmalig hoofdaanklager Fatou Bensouda om Amerika van oorlogsmisdaden te beschuldigen was omstreden. Zij zou onder druk zijn gezet om tot vervolging over te gaan. De ICC-rechters zelf achtten een zaak kansloos omdat de betrokken partijen niet meewerkten.

Bellinger vindt de huidige opstelling van de Trump-regering te ver gaan, maar betoogt tegelijk dat het ICC niet optimaal functioneert: processen gaan te traag, zijn te omslachtig en soms te politiek. De VS is niet het enige land dat het hof als een gevaar voor de eigen soevereiniteit ziet. Deze zomer kondigden Niger, Mali en Burkina Faso aan zich om die reden terug te trekken uit het ICC.

Advocaat Geert-Jan Knoops, verbonden aan het Strafhof, herkent de kritiek en kan zich er gedeeltelijk in vinden. «Ook ik vind dat procedures beter kunnen. Het gaat gewoon te traag. En er zijn ook voorbeelden dat het te gepolitiseerd is», zegt hij. Knoops ziet dagelijks dat de negenhonderd ICC-medewerkers diep geraakt zijn door de sancties die Trump al oplegde. Meer sancties zouden «belachelijk» zijn, vindt hij. «Als je zo veel kritiek hebt, probeer dan een constructieve bijdrage te leveren en mee te denken over hoe het hof beter zou functioneren.»

De Amerikaanse druk leidt tot scherpe veroordelingen in Europa. Premier Jetten zei vorige week bij de VN in New York: «Handen af van het hof en alle andere instituties die de internationale rechtsorde beschermen.» De Duitse buitenlandminister Wadephul bracht gisteravond een bezoek aan Den Haag om steun uit te spreken voor het ICC. Op hetzelfde moment spraken Europarlementariërs in Brussel met twee gesanctioneerde ICC-rechters. Zij beraden zich op eventuele maatregelen tegen de VS als er extra sancties komen.

Knoops is tevreden over die Europese steun, maar hoopt ook dat het Nederlandse kabinet zich hardop uitspreekt voor de drie gesanctioneerde Strafhof-rechters die deze zomer een rechtszaak aanspanden tegen de Amerikaanse regering. «Nederland heeft natuurlijk een bijzondere rol omdat het ICC op ons grondgebied staat», aldus de advocaat.