Wireva

Brusselse relschoppers naar huis door plaatsgebrek in jeugdinstellingen

Minderjarigen die verdacht worden van zware feiten tijdens de rellen van vrijdag in Brussel, zijn vrijgelaten omdat er geen plaats is in jeugdinstellingen. Jeugdrechter Luk Versteylen noemt dat een blamage.

Minderjarigen verdacht van zware feiten bij Brusselse rellen toch vrijgelaten: geen plaats in jeugdinstellingen
Brusselse relschoppers naar huis door plaatsgebrek in jeugdinstellingen
2009 French riots · Wikimedia — licence per file · rights

Dit bericht is met AI-ondersteuning gemaakt onder redactionele verantwoordelijkheid van Haydamax OÜ.

Enkele minderjarigen die verdacht worden van zware feiten tijdens de rellen van vrijdag in Brussel, zijn opnieuw naar huis gestuurd omdat er geen plaats was in een jeugdinstelling. Dat meldt de jeugdrechter. Het gaat onder meer om het bekogelen van de politie en het bezit van zeven gebruiksklare molotovcocktails. De jeugdrechter had nochtans geoordeeld dat een gesloten plaatsing noodzakelijk was.

De Antwerpse jeugdrechter Luk Versteylen tilt bijzonder zwaar aan de gang van zaken. «Een rechter neemt een beslissing en die wordt gewoon niet uitgevoerd. Dat is een blamage», zegt hij. De gesloten plaatsing is de zwaarste maatregel in het jeugdrecht en wordt alleen opgelegd als het echt niet anders kan. Dat zo’n beslissing dan toch een dode letter blijft, roept bij Versteylen grote vragen op.

Volgens de jeugdrechter is het probleem structureel: er zijn te weinig plaatsen in de jeugdinstellingen. Daardoor kunnen opgelegde maatregelen niet worden uitgevoerd en komen jongeren die verdacht worden van ernstige feiten opnieuw op straat terecht. Versteylen spreekt van een systeemfout die het gezag van de jeugdrechtbank ondermijnt. «Soms lachen die jongeren me letterlijk in mijn gezicht uit», klinkt het.

De feiten dateren van vrijdag, toen het in Brussel tot rellen kwam. Meerdere minderjarigen werden opgepakt. Het parket en de jeugdrechter beslisten dat voor een aantal van hen een gesloten plaatsing aangewezen was. Maar omdat de instellingen vol zitten, konden die beslissingen niet worden uitgevoerd. De jongeren keerden terug naar huis.

Versteylen benadrukt dat het niet gaat om een geïsoleerd geval. Het plaatsgebrek in de jeugdinstellingen is een aanhoudend probleem dat de rechtsgang in jeugdzaken ondermijnt. Rechters kunnen hun beslissingen niet laten uitvoeren, wat volgens hem leidt tot een gevoel van straffeloosheid bij de betrokken jongeren en tot frustratie bij de slachtoffers en de politie.

De zaak roept vragen op over de verantwoordelijkheid van de overheid. Als er geen plaats is, kan een rechterlijke beslissing niet worden uitgevoerd. Versteylen pleit voor een oplossing, maar ziet dat de bevoegde instanties worstelen met een tekort aan capaciteit. De jeugdrechter waarschuwt dat dit de geloofwaardigheid van het jeugdrechtssysteem aantast.

Het is niet de eerste keer dat een jeugdrechter aan de alarmbel trekt. Eerder werd al gewezen op het tekort aan gesloten plaatsen. De rellen van vrijdag leggen de problematiek opnieuw bloot. De vraag is of er nu snel een oplossing komt, of dat de beslissingen van jeugdrechters opnieuw dode letters blijven.

Same event, other desks

Story file →