Wireva

Europese jongeren komen in opstand, in Nederland blijft het stil

In tal van Europese steden protesteren jongeren tegen onderwijs, woningnood en defensie-uitgaven. In Nederland bleef grootschalige onrust uit. Onderzoekers wijzen op vergrijzing, de positie van de arbeidsmarkt en het pensioenstelsel als verklaring.

Dit bericht is met AI-ondersteuning gemaakt onder redactionele verantwoordelijkheid van Haydamax OÜ.

Europese jongeren zijn de afgelopen weken massaal de straat op gegaan. In Frankrijk, Spanje, Italië en Albanië kwamen grootschalige demonstraties, en dit weekend volgden ook duizenden Duitse jongeren. Zij eisen beter onderwijs en betaalbare woningen. Op sommige plekken liep de actie uit op rellen en plunderingen. In Nederland bleef het grotendeels rustig: alleen in Den Haag was het even onrustig, toen jongeren zich op het Plein verzamelden.

Volgens Tim Vlandas, hoogleraar politieke economie aan de Universiteit van Oxford, hangen de protesten samen met de vergrijzing van Europa. "Al deze landen hebben een dure ouderdomsvoorziening en een relatief hoge staatsschuld. Daardoor is er maar beperkte financiële speelruimte om wat te doen aan de terechte zorgen van jongeren." In veel landen vormen inwoners van boven de vijftig inmiddels de grootste groep kiezers. Oudere kiezers zijn bovendien vaker lid van een politieke partij of vakbond en stemmen vaker dan jongeren. "Regeringen hebben daarom niet de politieke drijfveer om prioriteit te geven aan de wensen van jongeren."

Econoom Mathijs Bouman ziet het conflict niet zozeer als een strijd tussen jong en oud, maar tussen mensen die hun positie al hebben verworven en mensen die die positie nog moeten veroveren. In de economie heet dat de insider-outsiderthéorie. "Mensen met een koopwoning en een vaste baan hebben er belang bij de status quo te behouden. Wie die dingen niet heeft, is juist gebaat bij verandering."

Dat het protest in Nederland tot nu toe uitbleef, verklaart Bouman vooral uit de relatief gunstige economische positie van Nederlandse jongeren. Europees gezien heeft Nederland het laagste percentage jongeren dat niet werkt en niet naar school gaat. "Er is voor Nederlanders nooit een betere periode geweest om de arbeidsmarkt op te gaan dan nu. Alle vorige generaties hebben periodes van hoge werkloosheid meegemaakt, waarin mensen jarenlang aan de kant stonden." Ook het pensioenstelsel maakt verschil. In veel Europese landen worden pensioenen van ouderen grotendeels betaald uit de bijdragen van wie nu werkt. In Nederland bouwen werknemers zelf een pensioenpotje op. Bouman betwijfelt of dat een grote rol speelt in de huidige protesten, maar het systeem zorgt volgens hem wel voor minder scherpe tegenstellingen tussen generaties dan elders.

Toch wordt ook in Nederland al maanden gewerkt aan een grote jongerenactie, zegt Neele Boelens, voorzitter van FNV Young & United. Verschillende Europese jongerenorganisaties zochten al contact voordat de demonstraties van de afgelopen weken begonnen, met het doel een gezamenlijke actie te organiseren. Die vindt plaats op 20 november. Boelens wijst op de verdeling van geld: "Er gaat enorm veel geld naar defensie, vermogen wordt nauwelijks belast en tegelijkertijd wordt er nauwelijks moeite gestopt in het bouwen van betaalbare huizen en het verbeteren van het onderwijs. En er wordt wel in heel Europa gesproken over een dienstplicht voor jongeren. Daar zijn veel jongeren boos over. Ook in Nederland wordt dat gevoel breed gedragen."