Het kabinet wil dat energiebedrijven zelf verantwoordelijk worden voor het vullen van de seizoensgasopslagen in Nederland. Dat schrijft het kabinet in een brief aan de Tweede Kamer. De overheid moet zich volgens het kabinet beperken tot een strategische reservevoorraad voor noodsituaties. Op dit moment vult de overheid de gasopslagen in Norg en Grijpskerk via het staatsbedrijf Energie Beheer Nederland (EBN).
Voor commerciële partijen is gasopslag op dit moment niet interessant. De gasprijs ligt hoger dan de verwachte prijs komende winter, onder meer door het afsluiten van de Perzische Golf. EBN vult de opslagen daarom met verlies. Het overheidsbedrijf heeft hiervoor bijna een miljard euro subsidie gekregen. Uiteindelijk worden deze kosten betaald door de gebruikers van het gasnet. Het kabinet voelt er niets voor om ieder jaar een miljard euro of meer uit te geven aan verliesgevende gasopslag.
De vulgraden voor de gasopslagen zijn al verlaagd. Waar eerder een vulgraad van 80 procent het streven was, is dit inmiddels teruggebracht naar 64 procent. Als het aan het kabinet ligt, verdwijnen de door Europa opgelegde vulgraden voor seizoensopslagen helemaal. In overleg met de EU en de Tweede Kamer moet worden bepaald hoe groot de strategische reserve moet zijn. Zo'n reserve is er alleen voor fysieke tekorten, niet om hoge gasprijzen te dempen.
De gasopslagen stammen uit de tijd dat Nederland een grote exporteur van Gronings gas was. Nederland, Noorwegen en Rusland voorzagen een groot deel van Europa via pijpleidingen van energie. Gas was toen goedkoop in de zomer en duur in de winter. Inmiddels wordt het grootste deel van het gas in vloeibare vorm (lng) aangevoerd met tankers uit de Verenigde Staten en andere delen van de wereld. Deze wereldmarkt heeft de seizoensinvloeden op de gasprijs definitief veranderd.
Een lidstaat van de Europese Unie mag het gas in de opslagen niet voor zichzelf houden: het gas in de Nederlandse opslagen gaat ook naar andere landen. Vanwege het verleden als grote producent en exporteur heeft Nederland relatief grote opslagen. De Europese regels voor het vullen van de gasopslag zijn gebaseerd op een percentage van de totale opslagcapaciteit van een land. Nederland moet met de grote gasopslagen daardoor relatief veel gas opslaan. Pogingen om andere landen hieraan te laten meebetalen leverden niets op.
Nederland wil daarom dat de EU niet naar de opslagcapaciteit van een land kijkt, maar naar de gasvraag in de winter. Bovendien wil het kabinet dat de energiebedrijven en niet de overheid verantwoordelijk worden voor de seizoensopslag. Grote energiebedrijven als Essent, Eneco, Vattenfall en nog 47 kleinere energieleveranciers moeten dan een deel van hun gas verplicht op voorraad hebben in de winter. Een nog te bepalen deel hiervan moet volgens het kabinet fysiek in gasopslagen in Nederland aanwezig zijn. Het ministerie van Klimaat en Groene Groei verwijst naar Oostenrijk, waar al een vergelijkbare verplichting bestaat.
Hoe groot de door de overheid beheerde strategische noodvoorraad moet worden, is nog niet duidelijk. Hoe meer zekerheid Europa en de Tweede Kamer willen, hoe duurder het wordt. Nederland heeft een olievoorraad voor drie maanden. Een gasvoorraad die groot genoeg is om een koude winter door te komen zonder leveringen, zal vele miljarden euro's kosten.
Over de noodzaak van seizoensgasopslag en strategische reserves wordt verschillend gedacht. Gasunie pleit voor hoge vulgraden in de seizoensopslag en een flinke noodvoorraad van de overheid. Volgens de voormalige exploitant van de gasopslagen Gasterra (Shell/Esso) is gasopslag niet meer van deze tijd. Het is goedkoper om bij een koude winter een paar lng-tankers extra naar Rotterdam en de Eemshaven te halen. Een koude winter zal naar verwachting niet snel meer tot een tekort aan gas leiden. Dat kan wel gebeuren als Rusland de gaspijpleiding met Noorwegen opblaast of als de Amerikaanse president besluit geen lng meer naar Europa te sturen. Op dat moment is waarschijnlijk iedere vorm van opslag op termijn onvoldoende om aan de vraag te voldoen. De mogelijkheid om voor dit soort noodsituaties het Groningenveld beschikbaar te houden, is door het kabinet definitief afgesloten.