Wireva

Olie tegen 100 dollar en gas boven 77 euro zetten Europese kosten opnieuw onder druk

De spanning rond de Straat van Hormuz stuwt de risicopremie op. De EU ziet geen acuut bevoorradingsprobleem, maar België blijft via brandstof, industrie en elektriciteit blootgesteld aan hogere prijzen.

Olja nära 100 dollar och gas på treårshögsta pressar Europas inflationsbild

Immagine: Wikimedia Commons · Wikimedia — licence per file · rights

Dit bericht is met AI-ondersteuning gemaakt onder redactionele verantwoordelijkheid van Haydamax OÜ.

De Europese energiemarkt heeft opnieuw een geopolitieke schok te verwerken. Brentolie noteerde op 8 september rond 99 dollar per vat, terwijl de Nederlandse TTF-gasprijs kort 77,13 euro per megawattuur bereikte. Dat is het hoogste niveau sinds januari 2023.

Voor België is vooral de combinatie relevant. Olie raakt transport en brandstoffen rechtstreeks, gas is belangrijk voor industrie en elektriciteitsproductie. Als beide markten tegelijk duurder worden, kan de druk op bedrijfs- en gezinsbudgetten sneller oplopen dan bij één afzonderlijke grondstof.

De prijsstijging betekent niet dat Europa momenteel zonder energie dreigt te vallen. De Europese Commissie meldde na overleg met lidstaten en sector op 8 september dat er geen direct probleem is met de oliebevoorrading. Commerciële en noodvoorraden zijn voldoende en alternatieve wereldwijde aanvoer blijft beschikbaar.

Ook voor gas ziet Brussel geen onmiddellijke leveringsdreiging. De EU heeft sinds de vorige energiecrisis meer LNG-capaciteit gebouwd, leveranciers verder gespreid en het gasverbruik verlaagd. Dat maakt het systeem robuuster dan in 2021 en 2022.

Maar robuustheid en prijs zijn twee verschillende zaken. De markt reageert op het risico dat de Straat van Hormuz minder veilig of minder vlot bevaarbaar wordt. Scheepvaartverzekeringen, vrachttarieven en de prijs van beschikbare ladingen kunnen stijgen zonder dat er vandaag één schip minder in Europa aankomt.

Voor Belgische automobilisten kan een langdurig hoge Brent-prijs doorwerken in benzine en diesel. De uiteindelijke pompprijs wordt ook bepaald door raffinage, wisselkoersen, marges en fiscale mechanismen, zodat de beweging niet één op één is.

Voor bedrijven telt vooral de duur. Energie-intensieve sectoren kunnen korte pieken vaak gedeeltelijk opvangen via contracten of hedges. Wanneer gas en olie maandenlang duur blijven, moeten inkoopprijzen worden herzien en komt ook de concurrentiepositie tegenover regio's met goedkopere energie onder druk.

De winter maakt het gasverhaal extra gevoelig. Europese opslag moet voldoende gevuld zijn terwijl de markt een hoge geopolitieke premie rekent. De Commissie zegt dat de voorbereiding op schema ligt, maar houdt de situatie nauwlettend in de gaten.

De kern voor België is daarom niet een onmiddellijk tekort, maar het risico op een langere periode van dure energie. Als de spanning rond Hormuz afneemt, kan een deel van de premie snel verdwijnen. Blijft ze bestaan, dan verschuift het probleem van de handelsvloer naar facturen, vervoer en industriële kosten.

Same event, other desks

Story file →