Yacine Ndaw kocht zijn eerste tweedehandskleding op zijn dertiende, voor een dans met een jaren-twintigthema. Wat begon als een praktische oplossing voor een schoolfeest, groeide uit tot een blijvende liefde voor vintage en tweedehandskleding. Vandaag is die vroege kennismaking met de kringloopwinkel een vast onderdeel van zijn persoonlijke stijl.
Ndaw is een van de gezichten van de streetstyle die deze week in de kijker staat. Zijn look draait niet om dure merken of opzichtige logos, maar om het hergebruiken van kledingstukken die al een leven achter de rug hebben. Hij combineert tweedehandsvondsten met een ontspannen silhouet, een aanpak die hij zelf omschrijft als «let me slouch it a little» — het bewust losser dragen van een kledingstuk om er een eigen draai aan te geven.
De keuze voor tweedehandskleding is niet alleen een kwestie van smaak. Ze past in een bredere beweging binnen de mode waarbij consumenten kritischer kijken naar de herkomst van hun kleding. Fast fashion staat onder druk, en steeds meer kopers zoeken naar stukken die langer meegaan of al een vorig leven hebben gehad. Voor Ndaw begon die houding al op jonge leeftijd, lang voordat duurzaamheid een modewoord werd.
Zijn verhaal is typerend voor een generatie modebewuste consumenten die tweedehands niet langer zien als een noodoplossing, maar als een bewuste stijlkeuze. Kringloopwinkels en vintagezaken krijgen daardoor een ander publiek: niet alleen liefhebbers van retro, maar ook mensen die unieke stukken zoeken zonder bij te dragen aan overproductie. Het idee dat een kledingstuk beter wordt door het te dragen en te hergebruiken, wint aan terrein.
De opkomst van tweedehandskleding valt samen met een bredere verschuiving in de modehuizen zelf. Waar luxemerken lang vasthielden aan een strak silhouet, zien we nu een beweging naar lossere, persoonlijkere kleding. De «slouch» waar Ndaw naar verwijst, is daar een voorbeeld van: een kledingstuk wordt niet strak aangetrokken, maar met opzet losjes gedragen. Dat geeft een outfit karakter en maakt hem minder gepolijst, maar juist daardoor herkenbaar.
Die lossere benadering is ook terug te zien op de catwalk. Tijdens de Milan Fashion Week koos Prada voor een collectie waarin de rok centraal stond, zonder broeken of jurken. Het huis, waar Miuccia Prada al zes jaar samenwerkt met de Belgische ontwerper Raf Simons, liet zien dat een enkel kledingstuk een hele collectie kan dragen. De rokken waren A-lijn of geplooid, vaak gecombineerd met een eenvoudige trui en kitten heels — een formule die persoonlijkheid boven perfectie plaatst.
De gelijkenis met de streetstyle van Ndaw is niet toevallig. Zowel op straat als op de catwalk verschuift de aandacht van het volledige plaatje naar het individuele kledingstuk en de manier waarop het gedragen wordt. Een tweedehands rok of trui krijgt waarde door de geschiedenis die eraan kleeft en door de manier waarop de drager hem combineert. Dat maakt mode toegankelijker en minder afhankelijk van het nieuwste van het nieuwste.
Voor wie zelf aan de slag wil met tweedehandskleding, biedt de aanpak van Ndaw een eenvoudig uitgangspunt: begin bij wat er al is. Een kringloopwinkel of vintagezaak in de buurt levert vaak verrassende stukken op, zeker voor wie durft te zoeken buiten de gebaande paden. Het resultaat is een garderobe die persoonlijker is, langer meegaat en minder belastend is voor het milieu.
De streetstyle van deze week laat zien dat stijl niet draait om nieuw kopen, maar om hoe je draagt wat je hebt. Ndaw bewijst dat een tweedehands stuk evenveel karakter kan hebben als een designerstuk — soms zelfs meer, omdat het verhaal er al in zit.